Pediatrische ethiek
De Britse toezichthouder zegt het nu zwart op wit: 'geslacht' in de wet is biologisch geslacht
Sinds 5 augustus 2026 is de bijgewerkte Code of Practice van de Britse Equality and Human Rights Commission (EHRC) van kracht. Daarin staat ondubbelzinnig dat 'geslacht' in de Equality Act 2010 biologisch geslacht betekent — ook voor toegang tot vrouwenruimtes. Een rechtszaak om die lijn terug te draaien, strandde eerder dit jaar volledig.
Sinds 5 augustus 2026 is de bijgewerkte Code of Practice for Services, Public Functions and Associations van de Equality and Human Rights Commission (EHRC) van kracht in Engeland, Wales en Schotland. De tekst is ondubbelzinnig: waar een dienst of ruimte wettelijk is voorbehouden aan vrouwen of aan mannen, gaat het om biologisch geslacht — ongeacht of iemand een Gender Recognition Certificate heeft. Laat een aanbieder toch mensen van het andere biologische geslacht toe tot een voorziening die bedoeld is als single-sex, dan kan die aanbieder zich niet langer beroepen op de wettelijke uitzondering die single-sex voorzieningen toestaat.
Wat de Code of Practice concreet voorschrijft
Het gaat om toiletten, kleedkamers, opvanghuizen, ziekenhuisafdelingen en vergelijkbare voorzieningen in sportclubs, de zorg en de publieke ruimte. De EHRC trekt daarmee de praktische consequentie uit de uitspraak van het Supreme Court in For Women Scotland Ltd v Scottish Ministers (16 april 2025), die vaststelde dat de term 'sex' in de Equality Act 2010 biologisch geslacht betekent. De Code bepaalt tegelijk dat aanbieders een passend alternatief moeten regelen voor transgender personen — het is geen vrijbrief om hen simpelweg te weigeren, maar een verplichting om voorzieningen op basis van biologisch geslacht te organiseren en daarnaast fatsoenlijke toegang voor iedereen te waarborgen. Voor werkgevers geldt de Code niet; die valt onder afzonderlijke regels.
De aanval die faalde
Die lijn lag al vanaf het begin onder vuur. Vlak na de Supreme Court-uitspraak vaardigde de EHRC een interim-richtlijn uit met dezelfde strekking. Good Law Project en drie individuele eisers spanden daarop een judicial review aan bij de High Court, met als inzet dat de interim-richtlijn te stellig was en de wet verkeerd las. Op 13 februari 2026 velde rechter Swift (Mr Justice Swift) zijn oordeel in Good Law Project Ltd & Ors, R (on the application of) v Commissioner for Equality and Human Rights [2026] EWHC 279 (Admin): alle drie de aangevoerde gronden faalden, en het verzoek om judicial review werd afgewezen. Landmark Chambers noteert dat de rechter de zaak niet als achterhaald beschouwde: werkgevers en dienstverleners hadden hun praktijk al op de richtlijn aangepast, en die aanpassingen golden nog steeds. Het is deze uitspraak die de weg vrijmaakte voor de definitieve, statutaire Code die nu in werking is.
Wat de claim niet is
Belangrijk om scherp te houden: noch de rechter, noch de Code zelf zegt dat transgender personen geen bescherming verdienen. De uitspraak van Swift J ging over de vraag of de EHRC de wet correct had uitgelegd, niet over de wenselijkheid van single-sex voorzieningen als zodanig. En de Code verplicht aanbieders uitdrukkelijk tot een alternatieve, waardige voorziening voor wie buiten de binaire indeling valt. Wat wél vaststaat, is dat de juridische onduidelijkheid die jarenlang bestond over wat 'geslacht' in de Britse gelijkebehandelingswet betekent, nu is opgelost — in het voordeel van een lezing op basis van biologie, niet zelfidentificatie. Volgens de analyse van Sex Matters, de organisatie die de zaak op de voet volgde, bevestigt de uitspraak dat dienstverleners al vanaf de interim-richtlijn verplicht waren hun voorzieningen op die basis in te richten.
Waarom dit ook voor Nederland iets zegt
In Nederland ontbreekt een vergelijkbare, scherp geformuleerde toezichthoudende lijn. Discussies over kleedkamers en het toestemmingsbeginsel blijven hier doorgaans impliciet, zonder de juridische helderheid die de Britse Code nu biedt. Dat vrouwen en mannen gelijkwaardig zijn zonder identiek te zijn, is precies het uitgangspunt dat de EHRC nu in bindende regelgeving heeft vastgelegd: een duidelijk onderscheid naar biologisch geslacht hoeft geen afbreuk te doen aan de waardigheid van transgender personen, mits er een fatsoenlijk alternatief is. Voor wie dieper wil in de bredere juridische en praktische kant van kleedkamers, sport en opvang in het Verenigd Koninkrijk, biedt het dossier kleedkamers en sport op Vrouwenruimtes.nl verdere achtergrond.
Bronnen
- Good Law Project Ltd & Ors, R (on the application of) v Commissioner for Equality and Human Rights [2026] EWHC 279 (Admin), High Court of Justice (Mr Justice Swift), uitspraak 13 februari 2026.
- Landmark Chambers (2026). High Court hands down judgment in challenge to EHRC trans interim guidance.
- Sex Matters (2026). Good Law Project's failed legal challenge against the Equality and Human Rights Commission — FAQ.
- The Christian Institute (2026). 'Single-sex spaces must be single-sex', Govt insists in finalised EHRC code of practice.
Veelgestelde vragen
Wat verandert de nieuwe EHRC Code of Practice concreet?
Dienstverleners, publieke instanties en verenigingen in Engeland, Wales en Schotland moeten single-sex voorzieningen (toiletten, kleedkamers, opvang, ziekenhuisafdelingen) voortaan inrichten op basis van biologisch geslacht. Doen ze dat niet, dan vervalt hun wettelijke uitzonderingspositie voor single-sex diensten. Tegelijk moeten ze een passend alternatief bieden voor transgender personen.
Is deze uitleg van 'geslacht' nog aan te vechten?
Good Law Project probeerde de onderliggende interim-richtlijn via een judicial review onderuit te halen. De High Court verwierp op 13 februari 2026 alle drie de aangevoerde gronden. Daarmee staat de lezing dat 'geslacht' in de Equality Act 2010 biologisch geslacht betekent juridisch stevig overeind.
Betekent dit dat transgender personen worden uitgesloten van voorzieningen?
Nee. De Code verplicht aanbieders om naast single-sex voorzieningen op basis van biologisch geslacht ook een waardig alternatief te bieden aan transgender personen. Het gaat om hoe voorzieningen zijn ingedeeld, niet om uitsluiting van toegang tot enige vorm van voorziening.