Bron-dossier
Amsterdam Cohort.
Wiepjes c.s. publiceerden in 2018 de grootste cohort-studie over transgenderzorg ooit. Wat ze precies vonden over detransitie wordt zelden goed besproken.
De studie
C.M. Wiepjes c.s. publiceerden in Journal of Sexual Medicine 15(4), 2018, "The Amsterdam Cohort of Gender Dysphoria Study (1972-2015)". De studie analyseerde 6793 mensen die zich in de Amsterdamse genderkliniek hadden aangemeld. Het is een van de meest geciteerde bronnen voor jeugd-gendertransitie internationaal. Zie bron op /bronnen/.
Wat het vond
De studie rapporteerde een spijt-percentage van 0,3% — vaak aangehaald als bewijs dat detransitie zeldzaam is. Maar de definitie van "spijt" was extreem nauw: alleen wie zich opnieuw aanmeldde bij de Amsterdamse kliniek voor verwijdering van eerdere ingrepen werd geteld. Wie afhaakte, wie naar privé-klinieken ging, wie buiten Amsterdam zorg zocht, wie elders hertransitioneerde — allemaal niet meegeteld. Lost to follow-up was hoog.
Wat het niet vond
Vandenbussche (2022, Journal of Homosexuality) toonde percentages tussen 7 en 30 procent in cohorten met actieve follow-up. Het verschil zit volledig in de definitie. De Amsterdam-cohortstudie is niet onjuist — ze meet alleen iets veel beperkter dan wat publiek wordt gepresenteerd. Voor de bredere detrans-context zie Detrans en spijt.
Lees verder
Detrans en spijt
Het bredere essay.
Nederland-dossier
De Amsterdamse context.
Dutch Protocol
Het verwante protocol.